Leestijd: 3 minuten

Onderstaande column over literatuuronderwijs verscheen onlangs in JFK. Nu de scholen weer open zijn, geeft Kluun eenmaal per week een gastcollege over taal & literatuuronderwijs op basisscholen, VMBO’s en VWO’s. Interesse? Meld u aan bij martinekorstjens@gmail.com

————————–

Arjen Lubach luidde een tijdje geleden de noodklok:
uit een internationaal onderzoek naar leesplezier onder kinderen in 77 landen staat Nederland helemaal onderaan.

Onze kinderen haten boeken.

24% van onze vijftienjarigen kan niet of onvoldoende goed lezen om bijvoorbeeld gebruiksaanwijzingen van medicijnen te begrijpen. Nergens is de leesvaardigheid de laatste twintig jaar zo achteruit gekacheld als in Nederland. En dat hebben we allemaal aan onszelf te danken.

Literatuuronderwijs is van het pad geraakt.

Willem, ik roep het al jaren: we zijn helemaal van het pad geraakt in het onderwijzen van taal aan onze kinderen. Toen jij en ik op school zaten, diep in de vorige eeuw, begon het al, met de dictatuur van de verplichte literatuurlijst. Het literatuurlijsttrauma: omdat je als vijftien-, zestienjarig kind de literaire werken moest lezen en fileren die je eigenlijk helemaal niet wilde lezen, ging je lezen associëren met iets wat moet in plaats van iets wat leuk was.

Hoe vaak hoor je mensen niet zeggen dat een boek zo goed was, omdat je ‘het zó uit hebt!’ Alsof het een straf is om tijd te besteden aan lezen. Ik hoor zelden mensen zeggen over een restaurant dat het heel goed was, omdat je ‘na een uur lekker weer buiten stond.’ Of over een biertje: ‘Heerlijk. Het was binnen twee minuten op!’

We hebben onze kinderen als ganzen literatuur door de strot geduwd waar ze nog helemaal niet aan toe waren. Ja, er is een handvol kinderen dat De Avonden van Reve een betere tijdbesteding vindt dan Call of Duty Cold War, maar bij de bulk van de jonge kinderen creëren een levenslange antipathie tegen lezen. Niet alleen tegen literatuur, maar tegen lezen. We leren ze dat lezen sucks.

Plezier in lezen

En of het allemaal nog niet erg genoeg was, leerden we onze kinderen dat technisch, begrijpend en verklarend lezen veel belangrijk is dan plezier in lezen. Alsof je kinderen voetballen wilt leren, maar ze in plaats van een bal te geven eerst vier uur lang naar een tactische bespreking van Erik ten Hag laat luisteren.

In de uitzending van Lubach vertelde een hoogleraar Nederlands dat hij het VWO eindexamen had proberen te maken en finaal gezakt zou zijn.

Verplicht lezen van literatuur werkt averechts

Experts, hoogleraren, neuropsychologen, docenten en vijfendertig Nederlandse schrijvers (Adriaan van Dis, Ozcan Akyol, Alex Boogers, zijn het er over eens: het verplicht laten lezen van literatuur werkt volledig averechts. Laat kinderen de boeken lezen over onderwerpen waar ze zelf (!) voor warm lopen en hun woordenschat groeit met sprongen. Geef ze het plezier in taal terug.

Het veld in voor het literatuuronderwijs

Ikzelf ga elke week naar een school om daar kinderen enthousiast te maken voor verhalen, boeken, audioboeken, spelen met taal en lezen. Ik lees voor aan kleuters in groep 3, ik laat achtstegroepers me alles vragen wat ze maar willen weten (‘Hoeveel bladzijden is uw dikste boek?’ ‘Heb u Paul van Loon wel eens in het echt ontmoet?’ ‘In welke letters schrijft u?’ ‘Bent u rijk?’), ik doe woordspelletjes met brugklassers, ik spit kranten uit op maffe woorden met VMBO-ers, daag HAVO3 leerlingen uit om hun meest hilarische What’sApp-dialogen met de klas te delen en laat puisterige gymnasiumpubers in groepjes de meest geweldige verhalen verzinnen en uitschrijven.

Het veld in voor het literatuuronderwijs, Willem. Elke week een andere school. En zal ik je eens wat zeggen: het verhaal, de taal, het geschreven woord: het is niet dood. Maar je moet er godverdomme wel wat voor doen. Vertellen dat Turks Fruit echt nog veel geiler, beter en zieliger is dan Komt een vrouw bij de dokter, dat ze best te pruimen vonden. Uitleggen dat de teksten van De Jeugd van Tegenwoordig ook poëzie zijn en boordevol taalvondsten zitten. Hilarische scenes voorlezen van Brusselmans, Mano Bouzamour, Tommy Wieringa, P.F. Thomése.

Willem, de eerste de beste docent die zijn kinderen nu nog indoctrineert met het geloof dat je niet op kan groeien zonder de Grote Drie te hebben uitgeplozen, de eerste leraar die het nut van signaalwoorden, redengevende tekstverbanden en het verschil tussen activerende en betogende teksten stelt boven het plezier in taal, laat ik publiekelijk op het schoolplein stenigen met de complete cyclus van Het Bureau van Voskuil, het volledige oeuvre van Harry Mulisch en de verzamelde werken van Louis Couperus.

Het literatuuronderwijs en het eindexamen Nederlands moeten volledig op de schop.