Twitter laadt...

KLUUN
Aan de Amsterdamse nachten is uit

11 November 2011 - 15:58

De nacht is vol verlangen, verlangen naar alles wat overdag niet kan, niet mag, niet lukt of niet hoort. Dansen. Doorhalen. Innemen. Ouwehoeren. Bulderen. Versieren. Van een dag kun je hopen dat hij eindelijk voorbij is, van een nacht zelden.
We hebben genoten van de gesprekken met de smaakmakers van de Amsterdamse nacht. We spraken met barmannen, clubeigenaren, travestieten, stamgasten, portiers en danseressen.
We doken overdag de archieven in en lieten ons ’s nachts in de bips knijpen in een darkroom. We zongen, we ouwehoerden, we vielen van onze krukken, we raakten ontroerd, we waren onder de indruk en ja – we dronken ook een glaasje mee.
En toen begon het serieuze werk.
Bij het opstellen van deze Top 100 lieten we ons leiden door de volgende criteria: spraakmakendheid, eigenzinnigheid danwel authenticiteit, levensduur, aantal bezoekers door de jaren heen en de populariteit van een tent. Daartoe openden we een jaar voor dit boek verscheen een Facebookpagina, waar honderden mensen hun verhalen en voorkeuren hebben gemeld. Er werd fanatiek gestemd, geplugd en gepleit…
Het Amsterdamse nachtleven gaat mensen aan het hart.
Niet verwonderlijk. Al sinds de zeventiende eeuw zwalken kroeglopers, stappers en clubgangers ’s nachts over de Amsterdamse grachten, op zoek naar de losbandigheid die bij een echte stad hoort.
We vroegen een kroegeigenaar of hij, na al die jaren, de oppervlakkigheid en de dronkemanspraat aan de andere kant van de bar niet kotsbeu was. Hij antwoordde: ‘Overdag spelen mensen een rol, ’s nachts zijn ze pas zichzelf.’
Dit boek is een ode aan de Amsterdamse nacht.

Hans van der Beek
Kluun

doorsturen reageren
WC-seks

3 October 2011 - 16:14

WC-seks
Een vriendin van me werd veertig. Voor een man is dat niet erg; voor een vrouw is het een leeftijd waarop je toch langzaam euthanasie moet gaan overwegen. Wat heeft het leven nog voor nut, wat voeg je nog toe aan de maatschappij?
Toch besloot zij haar verjaardag te vieren. Hoe verzin je het als vrouw: veertig worden en dat vieren. Met een feest. Bestel dan een koffietafel met cake, stuur een kaart waarin je verzoekt om stemmige kleding tijdens de dienst en vraag een paar vrienden om hun medeleven te betuigen middels enkele toespraak waarin men met wat mooie woorden zou herdenken wat voor lekker wijf je vroeger was en dat we het allemaal zo erg vinden dat je er niet meer bent.
Nu is het bij een begrafenis al not done om niet te gaan omdat er voetbal of Mad Men op tv is, maar voor een verjaardag van een vrouw die boven de geslachtsrijpe leeftijd is gekomen, is elke smoes olie op het verschraalde vuur. Iedere vrouw van middelbare leeftijd is op haar hoede zodra je te kennen geeft dat je niet zeker weten of je wel op haar feestje kunt komen. Allereerst weet ze dat je geen zin heeft om te komen. Haar eindexamenfuif, de housewarming van haar studentenhuis, haar afstudeerfeest, haar vijfentwintigste verjaardag, allemaal diep in de vorige eeuw, je was er altijd als de kippen bij en was niet weg te slaan. Zelfs de borrel toen ze dertig werd: je aarzelde geen seconde en zei je dat ik natuurlijk zou komen, wat dacht ze wel niet, we waren toch vrienden. Maar nu ze dezelfde vrienden als destijds aan het uitnodigen is voor haar veertigste, dreigt het opkomstpercentage op het niveau van dat van de verkiezingen van de Provinciale Staten en Waterschappen.
Kortom: wat ik ook zou verzinnen, waar ik me ook achter zou verschuilen, welke reden ik ook zou opvoeren om het feest aan me voorbij te laten gaan, was bij voorbaat verdacht. Moe, ziek, zwak, een jarige oma of een huwelijk van familielid in de eerste graad; ze zou me niet gaan geloven. Drukke werkzaamheden opvoeren om onder een verjaardagsfeest op zaterdagavond uit te komen is een mogelijkheid als je arts, profvoetballer, brandweerman, dj of prostituee bent, maar ik ben schrijver.
Ik kan natuurlijk een vakantie of zakenreis faken, dacht ik. Maar om mezelf nu een week voor en na haar verjaardag niet in kroegen of winkels binnen te bebouwde kom te vertonen om het een beetje geloofwaardig te houden, mwoah.
Lang verhaal kort: Al had ik er nog minder zin in dan in een competitiewedstrijd van Ajax, ik moest er heen, en ach, als ik eenmaal mijn gezicht had laten zien, kon ik rond twaalf uur toch gewoon de wieber maken. De oppas voelt zich niet lekker, gisteravond ook al laat geworden, morgen weer vroeg dag, de toastjes met zalm vallen niet goed, de kat staat op het punt van jongen, ik gaf mijn bek wel een douw. De jarige kennende had ze na de industriële hoeveelheden witte wijn die ze er doorgaans ingooit, de dag erop toch geen idee meer hoe lang ik er was geweest of waarom ik de tent verliet. Dat ik er was blijft hangen. Het feest was in een zaaltje. Dan voel je de bui al hangen: word er van je verwacht dat je mee zingt met het lied dat haar vriendinnen, ook allemaal vrouwen op wie de campagnes van Dove zijn gericht, hebben gecomponeerd, dat je danst op Relight My Fire en dat vooral dat je blijft tot minimaal één uur.
Om elf uur moest ik. Nu ja, moest, wilde ik. Een wc-bezoek levert toch al gauw weer een paar minuten respijt op. Beide aanwezige pisbakken in de herentoilet van het zaaltje waren bezet. Twee mannen die ik niet kende. Buren, mannen van collega’s, zwagers, je moet niet alles willen weten. Zonder iets te zeggen koos ik voor het toilet en sloot de deur. Al urinerend hoorde ik de twee pisbakmannen praten, hun handen wassen en de wc-ruimte verlaten. Stilte.
Dacht ik. Op de afgesloten wc naast me klonk gegiechel. Een vrouwenstem. Ongedempt. Ik keek omhoog en zag een opening tussen het plafond van de wc’s en de muur. Het gegiechel ging over in ge-ohhhh en –aaaahhh en -jaaaahhh. Seks, dat hoorde een dove met één oor. Ik grinnikte binnensmonds. Ineens drong het tot me door dat als ik hen kon horen, zij blijkbaar in de veronderstelling waren dat ze het wc-rijk alleen hadden. Wat nu? Kuchen? Te laat. Nu nog demonstratief laten merken dat ik er was stond gelijk met ik-weet-dat-jullie-bezig-zijn-daar-maar-vond-het-toch-wel-spannend-om-even-te-luistervinken, lees: ik ben een viezerik.
Muisstil knoopte ik mijn gulp dicht en haalde voorzichtig de wc-deur van het slot. Doortrekken liet ik, ondanks een keurige opvoeding, even achterwege. Handen wassen eveneens. Sorry mam. Stilletjes sloop ik de wc uit.
Terug in de feestzaal kon ik het niet laten mijn ogen onafgebroken op de deur van de heren-wc gericht te houden. Vijf minuten later kwam er een jongen van een jaar of twintig met een zo-die-heb-ik-even-volgeblaft- blik naar buiten. Hardbody. Type waar vrouwen het op konden, al stond hun man erbij te janken. Even later kwam de vrouw naar buiten. Haar mond stond nog in de de Nilfisk-stand. Ze had de blik van een kind dat net een wine gum uit de snoeptrommel had gejat zonder gesnapt te zijn.
Ik besloot mijn mening over de Darwinistische overbodigheid van mijn veertigjarige vriendin bij te stellen.

doorsturen reageren
Kinderdip

22 September 2011 - 12:30

Kinderdip

Ooit schreef ik een boek met de, al zeg ik het zelf, toepasselijke titel ‘Help, ik heb mijn vrouw zwanger gemaakt!’ Daarin noemde ik zwangere vrouwen de meest vreemde wezens van ons en de ons omringende melkwegstels waren.
Daar sta ik nog altijd achter, na drie zwangerschappen. De meeste nutteloze wezens, weet ik intussen, zijn kinderen.
Een zijstap. Ik heb een Amerikaan, een Cadillac Escalade. Voor hen die dit type niet kennen: Tony Soprano had er eentje, een witte, hij reed ermee van de ene waste-management-klus naar de andere. Gerard Joling en Gordon hadden er ook allebei eentje, maar die vonden hem te opzichtig. Correct. Escalade komt van escaleren en dat is precies wat er met deze auto aan de hand is. De Cadillac Escalade mag officieel dan tot de familie der personenwagens worden gerekend, eigenlijk valt hij binnen de categorie vervoermiddelen waar, alvorens ze zich op de openbare weg mogen begeven, uit verkeersveiligheidsoogpunt een motoragent met zwaailicht voor en -achter moet rijden om de andere weggebruikers te waarschuwen dat er gevaar op de loer ligt. Hoe dan ook. Vaak wordt mij gevraagd of die Escalade van mij niet heel onpraktisch is. Ik kan dit beamen: een Cadillac Escalade is abslouut onpraktisch. Ik kan amper de ring A10 rond zonder te hoeven steken en als ik een parkeerplek in het luxereservaat wil moet ik de dag ervoor een rood-wit lint spannen om drie parkeerhavens naast elkaar te reserveren. Maar mijn Escalade is op de Schaal van Onpraktisch met twee vingers in de neus rechts ingehaald door mijn kinderen. Díe zijn pas onpraktisch.
Ik heb ze nu nu toch al wel even (de oudste geloof ik al wel een jaar of tien, vijftien) en het probleem is dat ik era an vast zit. Ik heb geen idee waar ik de bonnen heb gelaten. Ergens in een doos vermoedelijk, voor de verzekering, met het idee dat je dan altijd kunt bewijzen dat je ze echt hebt gehad als er eens een keer wordt ingebroken. Maar waarschijnlijk zijn ze toch al ver voorbij de inruildatum en weggooien is ook weer zoiets. Je gaat je er onbewust toch aan hechten, zo gaan die dingen. Volgens mij mag je ze trouwens, al zou je willen, niet eens bij het normale huisvuil zetten, maar moet je daar weer iemand voor bellen. Zal je zien dat zo’n ophaaldienst dan, net als de chemokar, op zaterdagochtend komt, als je nog lekker ligt te slapen. Ik denk dat ik ze maar bewaar. Of eentje, dat kan ook. Voor het geval dat.
Ik heb mijn vrouw voorgesteld om ze voorlopig in het schuurtje te zetten, bij de kerstballen. Ik bedoel: ze staan toch alleen maar in de weg en hoe vaak heb je ze nou helemaal nodig, als je gewoon een werkster hebt? En als je ze een keer ergens voor wilt gebruiken, om brood te halen of de tafel te dekken, doen ze het weer niet en heb je geen idee hoe je ze weer aan de praat krijgt.
Want dat is ook zoiets: je hebt nooit het gevoel dat er eentje af is, zo van ‘niks meer an doen, klaar.’ Het blijven een soort halffabrikaten. Je vraagt je af waar je vrouw, toen ze zwanger was, al die negen maanden mee is bezig geweest.
Soms verlang ik naar een kindersabbatical. Niet lang hoor, gewoon, een klein jaar of zo. Bij vlagen is de nood zo hoog dat ik ze om het even bij wie zou achterlaten, zolang ze maar in leven blijven. Gewoon op de stoep bij de buurvrouw zetten, met een briefje erbij hoe en wanneer ze gevoederd moeten worden. Zo’n mens kan het vast niet over haar hart verkrijgen om ze buiten te laten staan, zeg ik dan tegen mijn vrouw. Die vindt het cru.
Mijn vrouw zegt dat ik niet moet zeuren en dat ik gewoon in een kinderdip zit.

doorsturen reageren

12 July 2011 - 12:40

persbericht

Schrijver Kluun werkt samen met Parool-journalist Hans van der Beek aan een boek over het Amsterdamse nachtleven. Aan de Amsterdamse Nachten wordt een Top 100 van de meest spraakmakende clubs, kroegen en bordelen die het gezicht van Amsterdamse nachtleven bepalen en hebben bepaald.

Kluun: ‘We schrijven over de kroegen waar de VOC haar soldij aan de bemanning betaalde (café In ‘t Aepjen); de eerste homodancings als De Odeon Kelder; krakerscafé Vrankrijk; de hoogtijdagen van de iT, de RoXY, Mazzo en Richter; de tenten die nu hip & happening zijn zoals Jimmy Woo en Trouw en niet te vergeten klassiekers als Paradiso, Melkweg, Café Nol en La Bastille, Hoppe en YabYum.’

Kluun en Van der Beek interviewden barmannen, clubeigenaren, dealers, stamgasten, portiers en danseressen. Bovendien hebben de auteurs aan tientallen bekende Amsterdammers hun favoriete Top 3 gevraagd, van De jeugd van tegenwoordig tot A.F.Th. van der Heijden.

Bij het samenstellen van de Top 100 wordt rekening gehouden met onder meer: de tijd dat een tent bestaat of heeft bestaan (zo claimen café Chris, Karpershoek en Papeneiland alle drie het oudste café van Amsterdam te zijn), hoe spraakmakend ze zijn of waren (YabYum staat in Top 25 bekendste Nederlandse merken ter wereld), hoeveel mensen er zijn geweest (in Paradiso kwamen vanaf de oprichting in 1968 bijna 14 miljoen mensen), hoe karakteristiek ze zijn (in café Brandon is zelfs in de twintig jaar dat het gesloten was geen stoel verzet), en ten slotte: de stem van het publiek.

Zij kunnen hun Top 3 tot en met 29 juli aanstaande doorgeven via Facebook (www.facebook.com/aandeamsterdamsenachten) of Twitter (#aandeamsterdamsenachten).

Aan de Amsterdamse nachten verschijnt half november.

doorsturen reageren
For the Big Man

30 June 2011 - 10:05

‘Clarence doesn’t leave the E Street Band when he dies. He leaves when we die.’

Bruce Springsteen in zijn afscheidstoespraak tijdens de herdenkingsdienst voor Clarence Clemonce. Vier jaar geleden schreef ik deze column:
.

Noem me een watje, maar als ik twee mannen samen in één microfoon zie zingen dat ze elkander ooit zwoeren dat ze bloedbroeders waren, dat ze beloofden dat ze dat nooit zouden vergeten, elkaar niet zouden verraden, nooit zouden overgeven, als ik dat Little Steven en Bruce hoor zingen en met eigen ogen zie dat er van deze onbezonnen, naïeve jongensbeloftes een half mensenleven later geen woord gelogen blijkt te zijn, dan krijg ik kippenvel.
.
En ach, al kan de bijna zeventigjarige Clarence Clemonce eigenlijk al jaren geen saxofoonsolo’s meer spelen van meer dan drie noten: bloedbroeders zet je niet uit de band, al moeten ze hem bij de volgende tournee in een rolstoel het podium opduwen. No retreat baby, no surrender.
.
Wat maakt concerten van Bruce Springsteen nu tot gebeurtenissen die een mens tot in het diepst van zijn ziel kunnen raken? Natuurlijk, een concert van Springsteen duurt bijna langer dan het hele leven van Kurt Cobain, maar dat is het niet. Natuurlijk, de meeste nummers zijn nog imponerender dan op de plaat, maar dat hebben meer artiesten. Natuurlijk, zijn teksten geven je het gevoel dat je in zijn leven bent gekropen, maar nee, wat een concert van Springsteen tot een sacrale dienst maakt, is iets anders.
.
Anders dan U2 heeft Bruce amper nieuwe aanwas die de band voor het eerst live gaat zien. Anders dan Justin Timberlake komen er bij Bruce geen jonge meisjes wel eens live een nat broekje willen krijgen bij het aanschouwen van hun ster. Anders dan bij de Stones komen hier geen mensen voor de nostalgie.
.
Nee, bij een concert van The Boss komen mensen van wie je ziet dat ze er ook in 2002, ’92, in ’88, in ’85 en soms al in 1978 bij waren en dat van elkaar weten en voelen, omdat ze alle rituelen uit kun hoofd kennen die bij een Springsteen-concert horen. Zoals die man achter me die mijn armen tijdens Badlands optilt en me vermanend ‘handjes omhoog, hè’ toespreekt.
.
Bij een concert van The Boss opvallend veel mannen van in de veertig, vijftig, alleen, waarschijnlijk omdat niemand in hun familie of vriendenkring begrijpt wat ze toch in die Springsteen zien. Wij wel. Het is zoals Bono ooit over hem zei: They call him the Boss. But he’s not the boss. He works FOR us.
.
Ja, dit is een artiest zoals een artiest bedoeld is: mensen zich voor even intens verbonden met elkaar laten voelen, mensen voor even boven zichzelf laten uitstijgen. Uplifting, een mooier woord kan ik er niet voor bedenken. Bruce Springsteen, The E Street-band en hun publiek zijn het levende bewijs dat sommige songteksten over vriendschap en broederschap geen romantische tienerbeloftes, maar waarheid zijn en blijven, ook na dertig jaar. No retreat baby, no surrender.

Hier de hele tekst van de toespraak.

doorsturen reageren
Cursus Hacken voor beginners

8 June 2011 - 19:28

En dan is je site ineens gehackt. Niet door een mafkees die er foto’s op zet van zijn blote harige reet met een tandenborstel erin of van de supportersvereniging van ADO Den Haag die ons mededeelt op Jodenjacht te gaan, maar door iemand die er dit op zette:

م الدعس قبل لا تقرا دق التحيه امامك
سعووودي كووول تم الدعس على موقعكم وعلى
صاحب الموقع والموقع مهكر عن طريق دمـآر
الحربي اشكرك على اليورز والباس تحيـآتي
سعووودي كووول وانا اقدم الموقع الى جميع
السعوديين لبى قلوبهم لكم اليوزر والباس
خلني خلني اعمك لماذا هكرت الموقع
تحيـآتي دنقور حائل لابوكم لاابو ابوكم
يا جحلط تم الدعس على خشومكم
دعسسسسسسسسسسسسسسس

Even hoop je nog even tegen beter weten in dat Shoarma Yousouf Ali uit de Tweede Anjeliersdwarsstraat zijn nieuwe menukaart per abuis op mijn site heeft geplaatst, maar al snel kreeg ik het idee dat dit geen zuivere koffie was. Er was geen foto van een falafel of een geslacht schaap te herkennen, waar Yousouf Ali patent op heeft. (even reclame maken: niemand die zo lekker schapen slacht als Yousouf Ali en zijn broer Harrie. Vers van het mes, hij slacht ze waar je bij staat, bij je op tafel of op de toonbank, en als je een goeie klant bent, wil hij wil eens een oogje toeknijpen en snijdt hij zelfmeegebrachte schapen ook voor je aan stukken, als service van de zaak. Af en toe een illegaal pornootje voor hem meenemen en in zijn handen drukken als mevrouw Ali even niet kijkt en je bent de Koning bij Yousouf (liefst iets met schapen, is-ie dol op – zijn broer Harrie daarentegen heeft voorkeuren waar ik hier liever niet over begin in het kader van de goede smaak)
Waar waren we? O ja, bij mijn gehackte site. Nou is mijn Arabisch er de laatste jaren, sinds ik van de Schinkelbuurt naar het Luxereservaat in Amsterdam verhuisde, behoorlijk op achteruit gegaan, dus ontkwam ik er niet aan om voor een gedetailleerd begrip van de boodschap van de hacker Google Translator even te raadplegen. Wat er staat (maar daar vertel ik u, o erudiete Aktueel lezer, vast niks nieuws mee) is het volgende:
Vertrapping door niet begroet voor u kunnen lezen Sauoodi Kowol is vertrappen op uw website en op de Eigenaar van de site en de site Mhecr van de massa Dank u voor de oorlog en bas Aliorz Thiati Sauoodi Kowol en ik ben de oudste site toegang tot alle Saoedi’s beantwoord je hart Aliuser en bassen Khalni Khalni AMK Waarom Heckt Site Thiati Dnkor Heil aan de Vader aan pater Kabo O Jehlt is vertrappen
Khcomkm

Geen speld tussen te krijgen natuurlijk, maar om zo’n mening dan ook meteen naar mijn mailingbestand van een paar duizend man te sturen, da’s wel heel vrijpostig. Het schoot me dan ook volledig in het verkeerde keelgat. Ik weet ook wel dat Google Translator een beetje de Josti-band onder de woordenboeken is, maar dat achter deze tekst geen taalvirtuoos zit, ziet een blinde met één oog.
Hacken oke, maar als je zo ongeinspireerd schrijft, dan heb je aan mij een kwaaie. Als je mijn sitebezoekers en mijn hele mailingbestand bedreigt, doe het dan tenminste zonder taalfouten. Kijk, als je de site van Dries Roelvink hackt en zijn fans vervolgens trakteert op een tekst die wemelt van de spel-, stijl-, grammatica- en vormfouten, dan merkt geen hond dat. Maar ik ben verdomme een schrijver! Pas je dan een beetje aan, als je je zo stoer bent om www.kluun.nl te hacken. Verpak je dreigementen in mooie metaforen, gooi er een poetisch sausje overheen, doe er wat mee, schrijf kortom betere teksten dan ikzelf, maar maak je er niet met een Jantje van Leiden vanaf. Ik pleit voor een inburgeringscursus voor hackers.
Ps: Verrek, diat khcomkm als afsluitend woord, dat lijkt verdomd veel op het emailadres van Herman Koch. Hm.

doorsturen reageren
Ik, James Worthy

9 May 2011 - 15:49

Oscar  Van Gelderen is de stalker onder de uitgevers.  Hijgerig en hyperiger zijn ze niet te vinden in boekenland. In de weken voor James Worthy van James Worthy uitkwam, werd ik door de lijfeigenen van Van Gelderen middels brievenpost, eletronische mail, Facebook en Twitter bestookt, belde de redactie van Giel op 3FM me op, kreeg ik mailtjes van het management van platenlabel Topnotch (Worthy schrijft iets met Pepijn van de Jeugd van Tegenwoordig, ik ben te oud om tot de doelgroep te horen)en sommeerde uitgever Van Gelderen zelluf me me tot vervelenstoe om James Worthy van James Worthy te lezen. O ja, en Miranda van Nnightwriters bleef maar aan mijn kop zaniken, het zal me niets verbazen als die straks op Lowlands met Worthy de caravan in duikt) Lang verhaal kort: volgzaam kuddedier als ik ben, las ik James Worthy van james Worthy natuurlijk als de wiedeweerga. Voor je het weet ben je op je 47e al niet hip meer.

Is het nou leuk, die roman, of is het een hype? Beiden. James Worthy NIET lezen staat deze zomer gelijk aan toegeven dat je niet op Facebook zit.

En is het goed? Ja. Werd KEVBDD door NRC een ode aan de liefde* genoemd, dan is James Worthy een ode aan het liefdesverdriet,geschreven met de bluf waarmee Jan Cremer Ik, Jan Cremer schreef, de schrijfschik waarmee Ronald Giphart hele studentencorpsen aan de lezerij hielp en de ranzig romantische inborst waarmee Herman Brusselmans zijn liefde roman na roman na roman na roman na roman na roman debiteert.

Yep, een fijn schrijvertje is het inderdaad, die Worthy. En vooral zooooo 2011.

Hier mijn top 10 van Worthy-passages:

1. ‘Dit is liefde, ik wil met haar vader gaan vissen’

2. ‘Ik hou van jou, als je lacht als je snikt, ik hou van jou als een neger van een kip. Ik hou van jou, hoeveel? Zoveel! Dat keer tien en dan twee keer zoveel.’

3. ‘Mijn badkamerspiegel hunkert naar zachte vrouwelijke vormen.’

4. ‘Mijn telefoon gaat, op het scherm staat VIEZE TERINGHOER BELT en ik zie een afbeelding van een heks op een bezemsteel.’

5. ‘Het was geen neuken. Nee, we wilden niet komen. we namen alleen afscheid van het enkelvoud.’

6.’ Ik heb het gehad met de wrakken die op de pechstrook van het leven staan geparkeerd.’

7. ‘Door het duimzuigen heb je ook nog de meest krachtige tongspier die ik ooit heb mogen voelen. Jouw tong hoort in seksshops te hangen.’

8. ‘Ik snap dat dit voor jullie een routineklus is, even snel in 15 minuten de baarmoeder van mijn levenspartner vacuumpompen, maar als u nog een evenwichtig ding zegt, breek ik uw neus in tweeen.’

9. ‘Seks is de kunstmatige baarmoeder van ons geluk.’

10. ‘Waarom zou je snel willen zijn als je oersterk bent? Rennen voor de tram? Fok dat, ik pak gewoon een auto op van de straat en gooi deze precies voor de tram zodat deze niet door kan tuffen.’

 

Ik zet in op 75.000 verkochte Worthys voor het einde van het jaar. En op zaterdag 20 augustus heeft Miranda hem geboekt bij Nightwriters op Lowlands.

 

* niet in een recensie, hoor, maar in een heel klein tussenzinnetje in een inleidend stukkie van een interview. Fuck it. Als het er staat, staat het er.

doorsturen reageren
Zeehondentocht

2 May 2011 - 11:33

Ik was op Terschelling. Dat was een idee van mijn vrouw. Mijn vrouw houdt van natuur en van rust en dat is nog tot daar aan toe, maar ze blijft maar beweren dat ik er ook wel bij vaar. ‘En voor de kinderen is het ook goed, dat die af en toe eens de stad uitkomen.’ ‘Welja, haal de kinderen er maar weer bij,’ mopperde ik.

Nou heeft ze wel een punt. Die van mij denken nog steeds dat de wereld plat is en dat je eraf valt zodra je buiten de ring van Amsterdam komt. Ooit ondernamen we de tocht naar vrienden die een huis hebben in Schellingwoude. Schellingwoude klinkt Fries, maar dat is woordbedrog. Het is gewoon Amsterdam Noord, maar gevoelstemperatuur toch dorp, de wijk is omgeven door weiland.
Onderweg passeerden we er eentje, zo’n weiland. Dat soort dingen gebeuren, zodra je de bebouwde kom verlaat, maar voor mijn kinderen, wiens habitat zich uitstrekt tot een straal van een kilometer of drie rond het veilige luxereservaat Amsterdam Oud Zuid, is een weiland een hele gebeurtenis.
‘Wat zijn dát voor beesten?’ sprak mijn jongste dochter van bijna drie, wijzend naar het weiland.
‘Dat zijn schapen,’ sprak mijn oudste van twaalf, die op de middelbareschool heeft geleerd wat schapen zijn. Dat onderwijs van tegenwoordig is helemaal zo slecht nog niet.
‘Hahaha, wat een gekke schapen,’ lachte mijn jongste.
Nee, Terschelling helemaal niet zo’n geen gek idee. Het sterft daar van de beesten, ze moeten ze zelfs afschieten, heb ik me laten vertellen. Je kinderen moeten toch een keer leren dat dieren er anders uitzien dan in de boekjes van Dick Bruna. Dat een konijn geen kruisje als mond heeft, niet kan praten en al helemaal geen vliegtuig kan besturen.
We hadden amper voet aan wal op Terschelling gezet, of ik zag een bord bij het VVV-kantoor. Zeehondentochten.
‘Wist jij dat zeehonden tochten?’ vroeg ik mijn oudste dochter.
‘Haha,’ zuchte die. Altijd lachen met papa.
‘Zonder dollen,’ zei ik tegen mijn vrouw, ‘dat is precies wat we nodig hebben.’
Mijn vrouw twijfelde. ‘Moet je zeehonden niet met rust laten?’
Ik haalde mijn schouders op ‘Ik begrijp ook niet dat de Dierenbescherming dat allemaal maar goed vindt, maar het zijn mijn zeehonden niet, en misschien vinden die beesten het ook wel gewoon hartstikke leuk, dus vort met de zeehond, erop af, voor ze op zijn.’
Of de prijs wel inclusief foto’s was, vroeg ik meteen bij binnenkomst. Meteen even laten merken dat er niet met je te spotten valt. Ik ken dat, kom je van de grote stad, willen ze meteen aan je verdienen als je niet uitkijkt. Leer mij die eilanders kennen.
‘Natuurlijk, u mag zoveel foto’s maken als u wilt,’ lachte de VVV-mevrouw.
‘Dat moeten we zelf doen?’ vroeg ik verbaasd. ‘Maar dan staan wíj er toch niet op?’
De mevrouw keek me niet begrijpend aan.
‘Laat maar. Heeft u wel een witte voor mijn kinderen?’
Nurkse mensen, die Terschellingers. Stug blijven doen of ze me niet begreep, ook niet toen ik tot drie keer toe uitlegde dat mijn jongste dochter gewoon liever een witte zeehond heeft, zo zijn kinderen. Dat ze niet in het roze geleverd worden, okay, maar een witte, dat was toch niet teveel gevraagd? Ik had er zelf wel eens gezien, op foto’s van Canada. Goed, dan zat er wel wat bloed op, maar ze bestonden, dat wist ik zeker, al kwam ik uit de stad.
Geen sjoege. En dan zijn de rapen gaar. Kinderen janken. Je hebt ze tenslotte toch wat beloofd.

Uiteindelijk heb ik er zelf maar een paar gevangen, toen het eb was. Op mijn bureau staat nu een foto van het hele gezin. Mijn dochters op hun witte, mijn vrouw en ik samen op een grote bruine zeehond. We kijken wel wat angstig, valt me op. Maar ik kan het iedereen aanraden. Je voelt je de koning als je, bij ondergaande zon, op zo’n beest over de boulevard rijdt. Daar kan geen schaap tegenop.

doorsturen reageren
Erectieplassen

2 May 2011 - 11:32

We gaan het vandaag over een taboe hebben, een onderwerp waar men zelfs bij Spuiten & Slikken de vingers nog niet aan heeft durven branden: het niet omlaag kunnen krijgen van de plasser. Een stijve pik is wel zo handig als het op seks aankomt, een stijve plasser is een van de meest wrede problemen waar Onze Lieve Heer ons mannen mee heeft opgezadeld.

Situatieschets. Je wordt midden in de nacht wakker en voelt een aandrang tot urineren. Je wacht tegen beter weten in nog even tot het vanzelf overgaat, maar strompelt tenslotte richting toilet, je wapen ten hemel gericht, wetende dat de wc-pot zich enkele meters verder niet als een basketbalring ergens hoog aan de muur bevindt, maar op de grond.

Daar sta je dan. Goede raad is duur. Nu stug doorzetten met plassen, hopende op een toevalstreffer, maar wetende dat een groot deel van onze urine ergens in de verre omtrek van de wc-pot zal belanden, betekent gezeik. Met u. En onze stijve plasser met kracht richting target omlaag duwen voelt niet alleen volstrekt onnatuurlijk voor een gezonde man, het doet ook pijn.

Even wat biologie. De twee vloeistoffen die wij op gezette tijden uitstoten, zijnde sperma en urine, moeten bij ons allemaal door dezelfde buis naar buiten. Bij sperma ziet zo’n uitbarsting er – al zeg ik het zelf – buitengewoon indrukwekkend uit, maar plassen met een stijve is geen pretje. De urine blijft ergens hangen, en dat doet pijn. Vergelijk het maar met een bevalling (ik sluit overigens niet uit dat het gebrek aan doorstroming psychisch is. Dat we het onbewust toch vervelend vinden dat u ’s ochtends de zooi weer moet opruimen). De doorstroming stokt ergens ter hoogte van de wortel van de penis. Daar waar de urinebuis van de vrouw slechts vier centimeter lang is, meet die van ons, mannen, twintig tot vijfentwintig centimeter. Hij begint zijn route in onze blaas, gaat recht door de prostaat, trekt via het noorden van de balzak richting de penis en legt daar de laatste – in het geval van een slappe penis – twintig centimeter af richting de buitenwereld.

Nu zit het probleem van een pik die niet omhoog wil veelal tussen de oren, maar waar het probleem van een plasser die niet omlaag wil vandaan komt, mag Joost weten. Kost het uitstellen van het mannelijk orgasme je als man van de wereld door ervaring en techniek steeds minder moeite (we hoeven maar te denken aan de twee gemiste kansen van Arjan Robben in de WK finale, aan een concert van Andre Rieu, of, als dat allemaal niet dreigt te baten, gewoon aan Connie Palmen) en het orgasme is weer voor enige tijd afgewend), maar een in onze slaap ontstane erectie, is een schier onomkeerbaar proces.

Dames, luister. Wij, mannen, komen van ver. Reeds als kleuter hebben we braaf leren gehoorzamen aan uw levensmotto ’Heren bril omhoog, dames zitten ook graag droog’. Als volwassen, welopgevoede man hebben we ons, zij het met tegenzin, aangeleerd om onze urine niet meer te plas en te onplas in portieken en poorten neer te kletteren, maar netjes te wachten tot we een regulier toilet tegenkomen.

Maar op sommige punten moeten we onze hakken in het zand zetten.

  1. We zullen tot in de eeuwen der eeuwen blijven weigeren om zittend te plassen – we vragen u ook niet om voortaan staand te plassen, om over een kliederboel te praten.
  2. Wij accepteren dat u een week per maand vanwege uw menstruatie niet thuis geeft. Legt u er zich dan bij neer als wij bij tijd en wijle de boel finaal onderzeiken. Wees blij dat we nog zo viriel zijn dat we zelfs in onze slaap een stijve krijgen om een puntje aan te zuigen.

Hou van ons, heb ons lief, accepter ons zoals we zijn. Ook als we weer eens slachtoffer van onze eigen potentie zijn geworden en de toilet in een paar minuten tot de Chinese zee hebben getransformeerd.

doorsturen reageren (AL 1)
Archief
Zoeken

 
website statistieken
free counter