Op het terras van Den Inwendige mensch, Den Hongeriche Maeg of wie weet De Dorstige Tong, de naam mag ik kwijt zijn, – het was in ieder geval een van de terrassen van een snackhut in De Efteling (warme choco met slagroom in Pardoes-mok, 4,90, op =op!)
.
Ik keek uit op de achtbanen van Joris en De Draak en De Vliegende Hollander. Daar zat ik met mijn jongste dochter Lola, terwijl mijn vrouw, haar moeder, mijn oudste en middelste dochter de rij van een uur trotseerde om Joris en De Draak te berijden. Joris (en De Draak ook, trouwens) is een houten achtbaan. Dat u geen gekke dingen gaat denken. Vroeger kwam ik drie keer per jaar in De Efteling (ik kom uit Tilburg), nu was het vijf jaar geleden dat ik er voor het laatst was met mijn kinderen.
.
Daar, kijkend op de houten achtbaan van Joris en De Draak, zat ik, toen ik gebeld werd door iemand van DWDD dat Harry Mulisch was overleden. Een bizarre plek om het nieuws van Harry’s overlijden te horen, en wel hierom.
Het verslag in de Volkskrant over de Donorweek kopt dat ‘Kluun wel wil strippen voor meer donoren’. Dit behoeft een correctie.
Tijdens het uur dat Barry Atsma en ik donoren werfden, twitterde ik de volgende tekst:
‘@barryatsma gaat strippen als er meer dan 120 orgaandonoren zijn geworven. En ik houd mijn kleren aan als er meer dan 150 zijn. #donorweek.’
Dat is een belangrijk verschil. De belofte dat Barry gaat strippen bij voldoende donoren, zou sommige mensen die hem in de film van KEVBDD ontkleed hebben gezien, wellicht kunnen motiveren donor te worden.
Maar het vermeende dreigement dat ik (46) hetzelfde zou doen, weerhoudt weldenkende mensen er juist van donor te worden en dat is niet het idee van de Donorweek.
Om half vijf ‘s ochtends lig je óf in je bed óf je bent zo lam als een konijn. Geen tussenweg, het is een van de twee. Half vijf ‘s ochtends is een tijdstip waarop het van overheidswege in het kader van de volksgezondheid verboden zou moeten zijn om wakker én nuchter te zijn, behalve als je aan kunt tonen dat je gaat vissen of een krantenwijk hebt. Of bakker bent. Had je maar een vak moeten leren.
Deze zomer mocht ik het ongenoegen smaken ‘s ochtends om half vijf zowel wakker als nuchter te zijn. De uren daarvoor hadden we vergeefs in bewegingsloze guestlist-rijen gestaan voor discotheek Amnesia en discotheek Pacha op Ibiza. Completo, stond er op een bord. Nu (ik weet dat u me gaat haten wat ik nu ga schrijven and I couldn’t care less) laat ik me zelden hinderen door mededelingen dat iets uitverkocht, volzet, full of alleen voor genodigden is. Even een sms-je, belletje of mailtje en het komt altijd weer goed. Als BN-er heb je, net als een ambtenaar, ook recht op secundaire arbeidsvoorwaarden.
Afgelopen zomer, op een maandagavond eind juli op Ibiza, mocht het ineens allemaal niet baten. Of ik nu Gordon, Chris Zeegers, Saskia Noort, Harry Belafonte of Kluun heette, ik kwam er niet in. En mijn vrouw en enkele getrouwen, waaronder een vriendin van ons, die in de vriendenclub toch als Mrs. Guestlist herself bekend staat, ook niet. We konden hoog en laag springen, lullen tot we een ons wogen, we bleven staan waar we stonden: buiten, in de rij der kanslozen die stonden te wachten op wat er binnen allemaal voor lekkers aan de gang was, een 9 op de Schaal van En Pierre, wat hebben ze niet?
Om half vijf, na anderhalf uur wanhopig oogcontact zoeken met de brede meneren met oortjes maar nog geen vijf meter te zijn gevorderd in een rij van het type dat ik alleen kende van foto’s van in de voormalige Sovjet Unie, gaven we het op. Gedeelde smart is halve smart, dacht ik en aangezien zo’n rij toch een band schept, opperde ik het idee om enkele Engelse en Spaanse dames om ons heen, die net als wij na anderhalf uur ook zuchtend afdropen, dan maar uit te nodigen voor een alternatief feestje bij ons zwembad (ze waren er al op gekleed, constateerde ik). Kreeg ik mijn vrouw niet warm voor.
Ik ben in mijn stapcarriere van ondertussen dertig jaar (eind dit jaar vier ik mijn jubileum,er gaan geruchten dat ik geridderd word) vaak geweigerd aan de deur, maar nu kwam ik niet eens in de buurt van die deur.
I’m a loser, baby, schoot Beck me door mijn hoofd. Ik voelde me die puber die voor het zoveelste achtereenvolgende weekend bij bar dancing Het Paaltje (alleen toegang boven de 18) geweigerd werd en zich gedwongen zag dan toch maar weer de zuipkeet op te zoeken. Zo raak je vanzelf aan de drank als je vijftien bent.
Nu ben ik veertig (goed, goed, veertig-plus dan), maar raakte die avond niet aan de drank. Om tien over half vijf zaten we in de auto. Wakker en nuchter. Voor het eerst in mijn leven hoopte ik op een alcoholcontrole, waarvan er hier op de gekste tijdstippen van de dag eentje wordt georganiseerd.
Bij de enige controle die we tegen kwamen, mochten we gewoon doorrijden. Zonder dat we op de lijst stonden.
Mokkend lag ik een kwartier later in mijn bed. Nuchter. Klaarwakker. Ik besloot ter plekke op te houden over het uitgaansleven op Ibiza te schrijven.
Voor je het weet gaat u er ook heen volgend jaar en is die rij nog langer.
Of ik nu een taxicentrale, mobiele parkeerservice, ANWB-file-informatie, het weerbericht, een sekslijn of het bureau voor visvergunningen bel (dat laatste heb ik van horen zeggen), de laatste jaren is er dan iedere keer een mallotige stem die een pakket totaal overbodige informatie over me uitbalkt.
De kosten voor dit informatienummer bedragen 80 cent per minuut. Daarnaast worden er een toeslag gerekend voor het gebruik van uw mobiele telefoon. Deze kosten kunt u vinden op de website van uw mobiele aanbieder.
Wat denken ze nou? Dat ik mijn mobiele telefoon uit mijn broekzak heb gevist en dat nummer speciaal heb gebeld om te weten te komen wat het kost als ik dat nummer zou bellen met mijn mobiele telefoon? Denken ze nou echt dat ik me in de uren daarvoor het leplazarus heb gezocht op teletekst, in de krant en op het prikbord in de supermarkt naar informatie over de gesprekskosten van dat nummer, inclusief de toeslag voor het gebruik van mijn mobiele telefoon en dat ik van blijdschap een rondedansje sta te doen omdat ik eindelijk weet waar ik die kosten kan vinden, namelijk op de website van mijn mobiele aanbieder? Ander voorbeeld.
De eerste keer dat ik in een vliegtuig stapte, het zal ergens in de tweede helft van de jaren zeventig zijn geweest (ik sluit niet uit dat het naar Lloret de Mar was), mocht er aan boord nog gerookt worden. Er werd gevraagd of je smoking of non-smoking wilde zitten.
Sinds eind jaren negentig mag er niet meer in vliegtuigen worden gerookt. Al kom je van Mars, dan nog ben je, naar ik mag aannemen, niet hierheen komen lopen, maar met één of andere schotel, shuttle of raket komen vliegen en dan wéét je vermoedelijk dat je in vliegtuigen, ruimteschepen, wat zeg ik, zelfs in de Hully Gully op de kermis niet mag roken. En toch, vraag me niet wie het verzint, is er bij het begin van iedere vlucht weer die mededeling dat we erop attent worden gemaakt dat dit een rookvrije vlucht is en dat er in het gehele vliegtuig niet mag worden gerookt. Nee, en dat mag al tien jaar niet, mevrouw de vliegtuigstem, en echt, geloof me, er is geen hond, geen kip, die net toen u die onbenullige, overbodige informatie door het vliegtuig boerde, een sigaret wilde opsteken en daar nu geschrokken van heeft afgezien. U kunt uw boodschap voor de volledigheid misschien voortaan uitbreiden met de mededeling dat het in het vliegtuig ook verboden is heroïne te gebruiken, omaatjes te verkrachten, de pet van de piloot af te pakken en rond te laten gaan om erin te plassen, de ramen open te doen, pentekeningen op het vloerkleed te maken, Jiskefet-scenes na te spelen met de zuurstofmaskers, in het gangpad het doelpunt van Marco van Basten tegen Rusland in de finale van 1988 na te spelen, de stewardessen een veeg te geven als ze het eten komen brengen of met versterkte muziek de reis op te vrolijken vanuit de cockpit.
Ik begrijp dat we in Nederland de weg opgaan van de disclaimer-cultuur zoals die in de Verenigde Staten al lang heerst. Ik begrijp dat er een tekst op een beker met hete koffie moet staan dat die beker met hete koffie heet kan zijn. Voor je het weet sta je als bedrijf voor de rechter te luisteren naar een of andere randdebiel die blijft volhouden dat hij nog nooit had gehoord dat je kokende koffie niet naar binnen kunt slurpen zoals je dat met een glas bier doet.
Maar hou die onbenullige informatie schriftelijk, in zo klein mogelijke letters in corpsje onleesbaar en val me er niet mee lastig als ik weer eens een taxi wil boeken, net in slaap wil vallen val in het vliegtuig of dringend een visvergunning nodig heb.
Omdat mijn dochter er nog zes jaar moet doorbrengen, zal ik de school waar het om gaat in politietermen omschrijven. Het Spinoza L. te A., dus. Aardige school. Onze dochter zit er nu een maand en ze huilt nog steeds niet als ze ‘s ochtends op haar fiets vertrekt. Ze vindt het zo nu en dan al wel saai, zegt ze, waar ik haar voor heb gecomplimenteerd, met haar analytisch vermogen is in ieder geval niets mis.
Het was de avond waarop wij, ouders, van hunnie, de leraren, te horen kregen wat zij, onze brugklaskinderen, zoal op het Spinoza L. moesten, mochten en niet mochten.
Zo’n avond is precies wat ik er me van voorstelde. Slechte koffie uit plastic bekertjes. Verlegen dralende ouders die ook niet weten wat ze precies komen doen. Zoeken naar lokaal D010, L164, de aula en de ingang van de dependance (scholen zijn als Amsterdam – er wordt altijd verbouwd, gebouwd en gegraven – nooit zijn ze af) en Laatikmaarwatvragen-vragen stellen aan een lerares die je vervolgens aan de praat houdt zoals ik tijdens slechtbezochte signeersessies lezers aan de praat houd om krampachtig te voorkomen dat ik in mijn eentje voor joker zit achter een tafel met mijn naambordje erop. De aardrijkskundeleraar die het jaarprogramma uit de doeken doet (‘we zijn begonnen met Australie, dan gaan we naar een blok over de verstedelijking van Nederland en we eindigen het jaar met de rampen, want dat vinden ze het leukst’). Uitleg over proefwerkweken, schriftelijke overhoringen en in te vullen Blauwe Kaarten in geval van ZV (= Ziek Verantwoord), TV (Tandarts verantwoord) en andere absentiegevallen. Gelukkig was er geen Champions League vanavond.
We kregen een boekje mee. Over de puberteit. Stond alles in wat de puber kon overkomen. Oei, ik groei voor pubers. Van zaadlozing tot menstruatie en van drugs tot HIV, en (ik heb het nog niet helemaal uit) vermoedelijk ook een paragraaf over dealende loverboys op opgevoerde scooters. Kortom alles waar je van popelt om het te willen weten over je eigen puber.
De mentor was nog het meest verrassende onderdeel van de avond. Dacht ik bij een mentor altijd aan een gespekzoolde man bij wie haren uit zijn oren groeien, wenkbrauwen heeft waar je geneigd bent je schoenen aan af te vegen, de mentor van mijn dochter was een frisse, goedlachse, niet-kalende, humoristische, sportieve, aardige, niet onknappe, tikje schalkse man van vijfentwintig,
Ik acht de kans groter dat onze puberdochtertjes op hem verliefd wordt dan dat ze aan de dope gaan bij de buurtdealer.
Disclaimer (mijn dochter moet nog zes jaar): Iedere gelijkenis van bestaande mentoren, minimentoren of leraren met karakters die in bovenstaand verhaal voorkomen berust op toeval, de personages uit het verhaal zijn ontsproten aan de fantasie van de schrijver.
Toen KEVBDD in 2003 uitkwam als roman en jaren later als film, is mij vele malen gevraagd om mijn vrouw mee te nemen naar de studio, als ik te gast was bij DWDD, P&W of andere praatprogramma’s. ‘Kan ze gezellig meekijken naar je optreden’.
Tuurlijk.
Zelfs zonder enige media-ervaring waren mijn vrouw en ik al in 2003 zo snugger om te beseffen dat dat niet handig was. Omdat elke presentator, redacteur, cameraman en regisseur erop gebrand zou zijn haar dan even vol in beeld te brengen en een microfoon onder haar neus te duwen als De Vrouw Van. Naat is nooit meegegaan naar welk tv-programma dan ook om dat risico te vermijden. Alleen vorig jaar, met de premiere van de verfilming, wilden we samen die rode loper op, als statement dat dit nu ons leven is en wij een getrouwd en gelukkig stel,
Pieter Storms is boos op de redactie van DWDD omdat ze ‘tegen afspraken in’ zijn vrouw Nina toch in beeld brachten, terwijl ze daar nietsvermoedend op de eerste rij zat, en haar toch een microfoon onder haar neus duwden, terwijl ze daar nietsvermoedend op de eerste rij zat.
Braak.
PS: Sterretje en Barbie van Oh Oh Cherso waren overigens verheffender dan Jort en Pieter. Braak II.
Dames en heren, hier volgt een persbericht. Ik was te lui om het zelf te schrijven, daarom hier de integrale tekst.
Bastiaan Ragas gaat in het seizoen 2011-2012 het theater in met Kluuns bestseller Help, ik heb mijn vrouw zwanger gemaakt!. Kluun beschrijft in dit afwisselend praktische, informatieve en komische boek voor aanstaande vaders wat er allemaal op je afkomt als je vrouw zwanger is. De ‘postejaculatieve depressie’, bevallingsfobie en – niet onbelangrijk – hoe zit het met seks tijdens de zwangerschap?
Bastiaan Ragas speelt de hoofdrol in wat een even herkenbare als hilarische theatershow zal worden. Kluun heeft veel vertrouwen in Ragas: ‘Ik zie hem dagelijks met zijn vele kinderen voorbijhobbelen per bakfiets, bolderkar of bugaboo, en hij is nog steeds getrouwd, dus als er iemand dit boek geloofwaardig op toneel zou moeten kunnen brengen dan is het Bastiaan Ragas wel.’
Dick van den Heuvel (Turks Fruit, De gelukkige huisvrouw, Dromen zijn bedrog) tekende voor het script, Orkater-acteur Geert Lageveen doet de regie en samen met de cabaretiers en zangers Veldhuis & Kemper (van de hit ‘Ik wou dat ik jou was’) schrijft Ragas zelf de muziek en songteksten. Wie Ragas’ vrouwelijke tegenspeelster wordt, wordt dit najaar bekendgemaakt.
-> En hier kunt u dat buitengewoon educatieve naslagwerk voor iedere man die erover denkt zijn vrouw te bevruchten, of zo dom was dat reeds te hebben gedaan, kopen.
Tien redenen om op Mama Tandoori te stemmen voor de NS Publieksprijs 2010:
1. Mama Tandoori zegt: ‘Anders zwaait er wat!’
2. Een miljard Indiërs gingen u voor. Schrijf geschiedenis en zorg dat met 99,99% van de stemmen wint.
3. Maak kans op een jaar lang gratis rode peper (af te halen bij Marktkraam 89.762 B-III, Chandni Chowk, Delhi, India).
4. Willen we in een nucleaire oorlog verwikkeld raken?
5. Stem voor gratis openbaar vervoer en korting op deegrollers. Stem Mama Tandoori!
6. Kluun zegt: ‘Lekker boek. Heel lekker boek!’
7. Er hangt een prijs van 7.500 euro aan die NS Publieksprijs en omdat Ernest van der Kwastr, zoals het een Indier betaamt, er lustig op fokt, kan hij het geld goed gebruiken. Zijn kinderen hebben dringend eten nodig. Rijst, rode pepers, dat werk. (geen teddyberen sturen)
8. De kans dat Ernest van der Kwastj het geld gebruikt om kernwapens van te kopen is niet denkbeeldig, maar nog altijd kleiner dan de kans dat de Pakistaanse regering uw storting t.b.v. de watersnoodramp misbruikt voor Allah weet wat.
9. Hij heeft beloofd volgend jaar mijn roman te pluggen voor de NS Publieksprijs.
Zo. Meestal gaan rijtjes tot de 10, maar iik vind het wel welletjes zo met die gratis promotie voor een boek dat ik niet zelf geschreven heb en waar ik geen cent aan verdien. Dat geld voor die quote over dat het zo’n lekker boek zou zijn, moet ik ook nog altijd zien.