31 August 2009 - 17:02
31 August 2009 - 10:58
Het nieuwe Stedelijk Museum in Amsterdam krijgt een wit omhulsel en dat hebben ze zelf de badkuip genoemd. Dat komt omdat het omhulsel op een wat uit de hand gelopen badkuip lijkt. Kan best mooi worden. gedurfde ingang, niet van dat bekrompene.
Alleen dacht ik altijd dat je geuzen-, bij-, koos- of troetelnaampjes moet verdienen en dus niet van jezelf, maar van anderen toegekend moeten krijgen, maar bij het Stedelijk heeft iemand deze bijnaam, nog voor het ding er staat, zelf bedacht.
Gisteren stonden ze op de Uitmarkt, de mensen van het Stedelijk Badkuip. Je kon er in een heuse badkuip zitten, om eens te voelen hoe dat voelt, een badkuip. Nou zit ik zelf iedere zaterdagochtend met mijn kinderen in de badkuip in onze badkamer, gezellig, eendjes erbij, Zwitsal schuimbad, badverf, heel knus allemaal, dus zelf voel ik niet de behoefte om op een volle Uitmakrt in een badkuip te kruipen, maar maar ik kan me voorstellen dat het voor studenten, bijstandsmoeders, Gothic-fans en daklozen best fijn is ook ook eens het gevoel van een badkuip te ervaren,. Sympathieke geste dus, van het Stedelijk.
Men deelde ook tassen uit. En daar stond het op. Bloedserieus. Zonder zichtbare
gène
‘Sorry New York, maar wij hebben de badkuip.’
New York. Stad van het Guggenheim, Metropolitan, MoMa, Central park, Yankee Stadium, Vrijheidsbeeld, Brooklyn Bridge, Twin Towers, Empire State Building. Dat New York, sjonge, wat zal dat de pee in hebben nu de mensen van het Stedelijk Museum in Amsterdam, Denmark, Europe een badkuip om hun museum heen gaan bouwen. Paniek bij het Guggenheim! Crisisoverleg bij het Moma! Spoedberaad bij The Met. Hoe hierop te reageren? Wat te doen? Het Moma in een douchebak plaatsen? Een sauna om The Met heenbouwen? Of meteen voor alle zekerheid – je weet nooit waar die crazy Dutchmen je anders weer mee gaan proberen te overtroeven – gelijk heel Manhattan maar overkappen met een grote zonnehemel ?
‘Sorry New York, maar wij hebben de badkuip.’
In een vorig leven was ik reclamemaker. Ik heb er, geinspireerd door de mensen van het Stedelijk Museum, ook maar een paar verzonnen.
Voor Ajax: ‘Sorry Real Madrid, maar wij hebben Dennis Rommedahl’
Voor het kabinet: ‘Sorry Washington, maar wij hebben JP Balkenende.’
Voor Holland Casino: ‘Sorry Las Vegas, maar wij hebben Dries Roelvink.’
Voor hongerig Afrika: ‘Sorry Westen, maar wij hebben zon.’
Voor Giel Beelen: Sorry Howard Stern, maar wij hebben Kluun.’
Verzint u er zelf gerust een paar bij. Al lijkt het me sterk dat u ze lulliger verzint dan het Stedelijk.
28 August 2009 - 18:30

Radio Nightwriters, met Giel Beelen als DJ en schrijvers Saskia Noort, Christophe Vekeman, Renske de Greef, nieuwslezer Henk Huppelschoten en Kluun.
28 August 2009 - 15:52
Manager Uli Hoenness (over wie trouwens het verhaal gaatdat Edgar Davids en Clarence Seedorf hem, toen hij ,voorafgaand aan de wedstrijd Ajax-Bayern Munchen in 1995 in zijn keurige pak mit Krawatte door de catacomben van het Olympisch Stadion richting het veld liep, terwijl hij twee stappen zette twee maal door de benen speelden):
‘De spelers die wij willen hebben, krijgen wij ook’.
Kent u dat gevoel dat je iemand een onvoorstelbare eikel vindt en tegelijkertijd groen en geel van jaloezie ziet?
28 August 2009 - 10:24

Schiet mij maar lek.
26 August 2009 - 16:02
‘Geef me nog een laatste rondje…’
Kluun schrijft deze week met een rouwband om.
Lees ook:
–> Johan4All
–> Pak pen, schrijf op.
–> Johans laatste ronde
Kijk en huiver:
Hieronder wordt het condoleanceregister geopend. Gelieve alleen uw deelneming te betuigen aan de hand van YouTube-fragmenten van optredens.
26 August 2009 - 10:14
Oasis uit Dilbeek (Belgie)
En ja hoor, daar hebben we zo’n geweldige band waar ze in Belgie patent op hebben: The Blackbox Revelation is de Belgische Oasis en hun nieuwe single High On A Wire rockt als een olietanker door de Westerschelde.
26 August 2009 - 09:54
26 August 2009 - 09:34

(Kluun las deze column vanochtend voor bij Giel op 3FM)
Stel, je bent koe.
Jarenlang sta je op een weiland. Links van je nog een weiland, rechts ook, voor je een snelweg en achter je, welja, nog maar eens een weiland, waarop in de verte de boerderij van de boer, de man die je iedere dag aan je uiers komt trekken.
Alle dagen zijn eender, ze lijken op elkaar als boeken van Nicci French. ‘s Ochtends ontbijt je met gras, ‘s middags, tijdens de lunch, eet je gras en als diner eet je gras. En tussendoor ook. Je graast wat af als koe, wat moet je anders. Nooit gebeurt er eens wat, er is niks op tv (sterker, er is helemaal geen tv).
Van verveling ben je op de momenten dat je niet met je kop in het gras zit maar begonnen met herkauwen van het gras dat je daarvoor hebt gegeten. Verder flap je er nog eens een flinke multivlaai uit, je kijkt een beetje rundachtig naar het voorbijrazende verkeer, je laat eens een boe, je haalt wat ouwe koeien uit de sloot met je medeweilandbewoners Clara 164 en Betsie 34, en ach, kijk ‘ns aan, daar is de boer alweer met zijn grijpgrage melkmachine. Geil. En dan doen we een plas, eten maar weer eens een pluk gras en morgen wordt een dag zoals er gisteren ook al eentje was.
Totdat.
Opeens, op de laatste zaterdag van augustus (al heb je als koe geen flauw benul wat augustus is) (ook niet wat zaterdagen zijn, trouwens) (je hebt eigenlijk helemaal geen benul, om precies te zijn), gebeurt het. Die ochtend waren ze vroeg in de weer geweest, die mannen met die koddige fluorescerende hesjes en dat roodwit lint waarmee ze jouw weiland doormidden deelden. Het is dat je geen prater bent, anders had je er zeker wat van gezegd. ‘Hé, wat moet dat in mijn weiland?’
En net nu je wat aan het uitbuiken bent van je grasontbijt, komen er auto’s je buurweiland oprijden. Er komt geluid uit de auto’s. Boemboem boemboem boemboem boemboemb oemboemboem- boem boemboemboem boemboem boemboemboem boemboem- boemboem boemboem boem boemboem boem boemboemb oem- boem boem boemboem boem boemboem boemboem boemboem-boemboem boemboem boemboem boemboem boemboem boem- boemboem boemboem boemboem (koeien hebben geen idee wat 140 bpm is) boemboem boemboem- boem boemboemb oem boemboem boemboem. De melkmachine van de boer is er niks bij. De auto’s worden op aanwijzingen van de mannen in de fluorescerende hesjes keurig op een rijtje geparkeerd.
Het portier gaat open. Er komen twee korte witte laarsjes uit. Felroze, harige beenwarmers erboven. Om de billen een rokje met koeienprint (hé dat herken ik, denk je). Een bloot buikje met een glinsterend dingetje in de navel en een getattoeeerde tja, wat is het, zon of ster eromheen. Een wit hesje (met kwastjes) om de uitbouwtieten. Een zonnebril die het hele gezicht bedekt. En een grote witte kojbojhoed. Op jouw weiland. ’s Ochtends, nog voor twaalf uur.
Wat zat er in godsnaam in dat gras dat ik vanochtend, gegeten heb, vraag je je dan af.



