Twitter laadt...

KLUUN
Doeschka Meijsing

31 January 2012 - 14:54

Op 18 december 2008, vlak nadat ze de AKO Literatuurprijs had gewonnen met haar roman ‘Over de liefde’, trad ze op bij Nightwriters, in het Comedytheater aan de Nes.

De zaal zat vol met twintigers en dertigers, van wie de meesten nog nooit van Doeschka hadden gehoord, laat staan iets van haar gelezen. Het gros van de bezoekers kwam voor the usual suspects op Nightwriters-avonden; Ronald Giphart, Susan Smit, Christophe Vekeman, Kluun en voor de after party met dj’s Bart Thimbles en Jeroen van Inkel.

Doeschka was nerveus. Of het publiek haar wel zou pikken. Of ze wel de goede outfit had aangetrokken. Of het echt wel slim was om iets voor te lezen uit haar roman, wie zat daar nou op te wachten. Zou ze niet beter twee in plaats van de geplande vier pagina’s moeten voorlezen? Was dit wel het juiste fragment, dachten we, echt?

Ze kwam, zag en overwon. Doeschka’s verlegen vraag aan het publiek, na drie bladzijdes vol met de heerlijkste verwensingen en hilarisch gemopper uit ‘Over de liefde’, of ze ‘nog even verder moest gaan’ werd met een massaal Jaaaahh! uit de zaal beantwoord.

Doeschka Meijsing stal de harten van het Nightwriterspubliek, van nul op honderd in twee minuten. Haar vraag aan het publiek werd voor ons, de organisatie van Nightwriters, een symbool van bescheidenheid en Doeschka Meijsing het levende bewijs dat kwaliteit op een podium altijd overwint, bij ieder publiek.

Helaas leeft Doeschka sinds vandaag niet meer. Ze blijft voor ons altijd dat symbool van bescheidenheid en het bewijs dat kwaliteit altijd overwint.

Rust zacht, Doeschka.

facebook twitter

Stuur naar een vriend







doorsturen reageren
Ode aan de uitvinder van het bankvoetbal

25 January 2012 - 10:23

Een ode aan de uitvinder van het bankvoetbal

Voetbal: je kon me er vroeger voor wakker maken. Op Basisschool de Hasselt in Tilburg besteedde ik tussen de middag (belachelijke term trouwens, als er al een ‘tussen de middag’ zou bestaan zou het zo ergens tussen drie en vier uur in de middag moeten zijn, maar een ‘tussen de middag’ voor het tijdstip waar deze term betrekking op heeft slaat als kut op Dirk) (belachelijke uitdrukking trouwens, ik ken Dirk en die heeft me desgevraagd verzekerd dat hij nog nooit met of door een kut is geslagen. Dat laatste klopt niet overigens, want ik heb Sandra hem wel eens een beuk zien verkopen, daar lusten de honden geen brood van) (belachelijke uitdrukking trouwens, ik ken geen hond die wél graag brood lust. Honden lusten van die stinkende stukken gedroogd varkens- of rundervlees waar je hele huis naar meurt, maar geen brood) een minuut of tien aan het naar binnen werken van drie boterhammen met pindakaas en daarna was het voetballen geblazen tot ik de benen onder mijn kont uit moest rennen voor de middaglessen op Basisschool de Hasselt in Tilburg.
In de eerste klassen van het Theresialyceum in Tilburg voetbalde ik me iedere pauze in het zweet. En het dan gek vinden dat de meisjes geen sjoege gaven. Al hielpen die puisten en het pondje bril er ook niet aan.
Iedere vrijdagmiddag (en dan zijn we waar we wezen moesten met deze column, zo zie je maar: het komt altijd weer goed) zaten de populaire jongens in de rookkelder van het Theresialyceum in Tilburg en speelde ik met de andere kanslozen bankvoetbal in de gymzaal, urenlang, tot kwart voor zeven.
Vrijdagavond om zeven uur had ik dansles, bij dansschool Michielsen in de Nieuwlandstraat. Met klotsende oksels en het zweet tussen de billen sprong ik op de fiets om als een gek richting dansschool Michielsen in de Nieuwlandstraat te karren. Het douchen schoot er bij in en Axe bestond nog niet, althans niet in Tilburg.
Bij iedere dans kostte het me de grootste moeite een danspartner te vinden. Ik heb nooit stijldansen geleerd en ben daar de uitvinder van het bankvoetbal nog immer dankbaar voor.

facebook twitter

Stuur naar een vriend







doorsturen reageren
Twabbatical

3 January 2012 - 13:02

Ik ontdekte Twitter zo’n drie jaar geleden omdat er een of andere mafketel onder de naam Kluun van alles over kinderen aan het roepen was. Ik zal niet in details treden, maar het was behoorlijk pornografisch. Nu was het gelukkig maar kinderporno, maar toch. Voor je het weet gaan je kinderen later bij een psycholoog gekke tekeningen maken.
Hoe dan ook en desalniettemin: voor ik goed en wel snapte wat dat hele Twitter nou was, had iemand mijn naam al gejat. Als je A.F.Th. van der Heijden heet (driekwart van de Aktueel lezers heeft geen idee over wie ik het nu heb), schrijf je daar meteen een roman over waar geen eind aan lijkt te komen, maar ik wilde gewoon mijn naam terug.
Op hoge poten trok ik ten strijde. In gestrekte draf op het Twitter Service Center af. U dacht dat het moeilijk was om bij de telefonische klantenservice van UPC, T-Mobile of hun branchegenoten iets gedaan te krijgen? Bij Twitter Inc. anno was 2009 gewoon nada, nobody, niemand te vinden die antwoord kon, wilde en mocht geven op kwesties die verder gingen dan #durftevragen. Het was eenvoudiger om met twee Marokkaanse vrienden binnen te komen in de RoXY in haar hoogtijdagen dan met een vraag over Twitter in het Twitter Service center. Pas na weken van mailen, bellen, twitteren en soebatten kreeg ik de naam Kluun terug.
Had ik het maar nooit gedaan. Nog geen uur nadat ik mijn eigen naam had herkregen, had ik een account aangemaakt en mijn eerste tweet verzonden. Nu ben ik 7565 tweets aan 53.457 volgers verder. Zelf volg ik 54 mensen. In de gewone wereld heet zoiets narcisme, in de social media-wereld staat het quotient van het aantal volgers dat je hebt, gedeeld door het aantal mensen dat jij zelf volgt, voor je status. Als dat getal kleiner is dan 1, dan heb je een klein twitterpikkie (of in het geval van Facebook: een kleine facebookfallus), is dat getal groter dan 1, dan heb je een twittertampeloeris om @ tegen te zeggen. Met 53.457 followers en 54 following is mijn quotient 989,94444444444 schoon aan de haak. Waarvan akte.
Dagelijks hou ik bij hoeveel nieuwe volgers ik heb. Ik vraag me af wanneer de eerste Postbus51-spotjes komen om ons, in het kader van de volksgezondheid, voor Twitter-verslaving te behoeden. Dat je op een website en brochures in de wachtkamers van huisartsen kunt lezen dat je in de gevarenzone zit als je meer dan vijf dagen per week twittert, en dat je een probleemtwitteraar bent, als je in totaal meer dan dertig tweets per week stuurt. Of dat je een twitterholic bent als je vrouw en je vrienden je op je twittergedrag aan gaan spreken, vaak niet meer weet of wilt weten hoeveel je getwitterd hebt de dag ervoor of als je steeds vaker stiekem twittert, vanonder de tafel.
Ik ben bang dat het voor mij al te laat is. Ik betrapte mezelf er vorige week op dat ik me op straat aan iemand als @Kluun voorstelde. Als ik citeer uit een film of tv-programma dat ik de avond ervoor heb gezien, begin ik met RT te zeggen, om maar duidelijk te maken wie de eer van de uitspraak toekomt. Ik merk dat ik, als ik thuis iets tegen mijn oudste dochter zeg, mijn zin begin met ‘@Eva’ en mijn vrouw me ooit vertelde me dat ik haar in mijn slaap mompelend @lekkerding had genoemd. Ik merk dat ik midden in zinnen stop met praten omdat ik vermoed dat ik over de 140 tekens ben. En ik laat mijn grappig bedoelde one liners de laatste tijd voorafgaan door ‘hashtag’ en spreekdanallewoordenachterelkaaruitzonderpauzetenemen.
Mijn beste vriend dreigt om me naar een afkickkliniek te sturen als ik niet onmiddelijk een twabbatical neem. RT: ‘om je tegen mezelf te beschermen, @kluun.’
Ik dank @God voor mijn @bestevriend. #amen.

(deze column stond in het decembernummer van Aktueel, een blad vol schieten, tieten en helicopters)

facebook twitter

Stuur naar een vriend







doorsturen reageren
Aan de Amsterdamse nachten is uit

11 November 2011 - 15:58

De nacht is vol verlangen, verlangen naar alles wat overdag niet kan, niet mag, niet lukt of niet hoort. Dansen. Doorhalen. Innemen. Ouwehoeren. Bulderen. Versieren. Van een dag kun je hopen dat hij eindelijk voorbij is, van een nacht zelden.
We hebben genoten van de gesprekken met de smaakmakers van de Amsterdamse nacht. We spraken met barmannen, clubeigenaren, travestieten, stamgasten, portiers en danseressen.
We doken overdag de archieven in en lieten ons ’s nachts in de bips knijpen in een darkroom. We zongen, we ouwehoerden, we vielen van onze krukken, we raakten ontroerd, we waren onder de indruk en ja – we dronken ook een glaasje mee.
En toen begon het serieuze werk.
Bij het opstellen van deze Top 100 lieten we ons leiden door de volgende criteria: spraakmakendheid, eigenzinnigheid danwel authenticiteit, levensduur, aantal bezoekers door de jaren heen en de populariteit van een tent. Daartoe openden we een jaar voor dit boek verscheen een Facebookpagina, waar honderden mensen hun verhalen en voorkeuren hebben gemeld. Er werd fanatiek gestemd, geplugd en gepleit…
Het Amsterdamse nachtleven gaat mensen aan het hart.
Niet verwonderlijk. Al sinds de zeventiende eeuw zwalken kroeglopers, stappers en clubgangers ’s nachts over de Amsterdamse grachten, op zoek naar de losbandigheid die bij een echte stad hoort.
We vroegen een kroegeigenaar of hij, na al die jaren, de oppervlakkigheid en de dronkemanspraat aan de andere kant van de bar niet kotsbeu was. Hij antwoordde: ‘Overdag spelen mensen een rol, ’s nachts zijn ze pas zichzelf.’
Dit boek is een ode aan de Amsterdamse nacht.

Hans van der Beek
Kluun

facebook twitter

Stuur naar een vriend







doorsturen reageren
WC-seks

3 October 2011 - 16:14

Een vriendin van me werd vijfenveertig. Voor een man is dat niet erg (wij moeten het toch van ons karakter hebben), voor een vrouw is het een leeftijd waarop je toch langzaam euthanasie moet gaan overwegen. Wat heeft het leven nog voor nut, wat voeg je nog toe aan de maatschappij? Dat is geen seksisme of male chauvinisme, maar Darwinisme.
Toch besloot zij haar verjaardag te vieren. Niet met een koffietafel met cake en een paar toespraken, maar met een feest. Nu is het bij een begrafenis not done om niet te gaan omdat er voetbal of Mad Men op tv is of omdat het een beetje druk is op de zaak, maar ook voor een verjaardag ligt dat niet eenvoudig. Men is op zijn hoede zodra u enige twijfel toont over uw komst. Allereerst weet men dat u geen zin heeft om te komen. Was de jarige jet twintig of, vooruit, dertig geworden, dan was u er natuurlijk als de kippen bij geweest om te RSVP’en, maar een verjaardagsfeest van een vijfenveertigjarige, dat is vragen om ellende qua opkomstpercentage.
Daarom is iedere reden waarom u het feest aan u voorbij dreigt te laten gaan, bij voorbaat verdacht. Werk opvoeren om onder een verjaardagsfeest op zaterdagavond uit te komen is een mogelijkheid, maar kan alleen als u arts, profvoetballer, brandweerman, dj of prostituee bent. Ik ben schrijver.
Een vakantie faken is een hachelijke zaak. Of u moet echt zo’n bloedhekel aan verjaardagen of de jarige hebben dat u het er voor over hebt om uzelf voor en na de geplande verjaardag een week of twee niet in stad of dorp te vertonen om het een beetje geloofwaardig te houden.
Lang verhaal kort: ga gewoon en hou het kort. De oppas voelt zich niet lekker, morgen weer vroeg dag, gisteravond ook al laat geworden, de hond staat op het punt van jongen: verzin het en u komt er mee weg. Niet dat u nu wél wordt geloofd, maar de jarige weet na twee flessen rosé de dag erop nog amper hoe lang u er was. Dat u er was blijft hangen, maar wat u hebt gezegd, wat u aanhad en hoe laat u bent weggegaan wordt na een industriële hoeveelheid drank echt niet meer opgenomen, vertrouw me.
Goed. Ik was er dus, op het feest van mijn vijfenveertigjarige riendin. Het was in een zaaltje. Ook dat nog. Dan weet je al dat er van je verwacht wordt dat je mee zingt met het lied dat haar vriendinnen hebben gecomponeerd, dat je danst op Relight My Fire en dat je vooral blijft tot na minimaal een uur middernacht.
Om elf uur moest ik. Nu ja, moest, wilde ik. Een wc-bezoek levert toch al gauw weer een paar minuten respijt. Beide aanwezige pisbakken in de herentoilet van het zaaltje waren bezet. Twee mannen die ik niet kende. Buren, mannen van collega’s, zwagers, een mens weet het niet en wil het niet weten. Zonder iets te zeggen (je moet niet teveel nieuwe vrienden willen maken op een feest) vervoegde ik me op het toilet en sloot de deur. Al urinerend hoorde ik de twee pisbakmannen hun handen wassen en de wc-ruimte verlaten. Stilte.
Dacht ik. Op de afgesloten wc naast me klonk gegiechel. Een vrouwenstem. Ongedempt. Ik keek omhoog en zag een opening tussen het plafond van de wc’s en de muur. Het gegiechel ging over in ge-ohhhh en –aaaahhh en -jaaaahhh. Seks, dat hoorde een dove met één oor. Ik grinnikte binnensmonds. Ineens drong het tot me door dat als ik hen kon horen, zij blijkbaar in de veronderstelling waren dat ze het wc-rijk alleen hadden. Wat nu? Kuchen? Te laat. Nu nog demnistratief laten merken dat ik er was stond gelijk met ik-weet-dat-jullie-bezig-zijn-daar-maar-vond-het-toch-wel-spannend-om-even-te-luistervinken, lees: ik ben een viezerik.
Muisstil knoopte ik mijn gulp dicht en haalde voorzichtig de wc-deur van het slot. Doortrekken liet ik, ondanks een keurige opvoeding, even achterwege. Handen wassen eveneens. Sorry mam. Stilletjes sloop ik de wc uit.
Terug in de feestzaal kon ik het niet laten mijn ogen onafgebroken op de deur van de heren-wc gericht te houden. Vijf minuten later kwam er een jongen van een jaar of vijfentwintig met een voldane blik naar buiten. Een type waar vrouwen het op konden, al stond hun man erbij te janken. Even later kwam de vrouw naar buiten. Ze zag er wat verhit uit en had de blik van een kind dat net een snoepje uit de snoeptrommel had gejat zonder gesnapt te zijn.
Ik besloot mijn mening over de overbodigheid van vijfenveertigjarige vrouwen bij te stellen.

facebook twitter

Stuur naar een vriend







doorsturen reageren
Kinderdip

22 September 2011 - 12:30

Kinderdip

Ooit schreef ik een boek met de, al zeg ik het zelf, toepasselijke titel ‘Help, ik heb mijn vrouw zwanger gemaakt!’ Daarin noemde ik zwangere vrouwen de meest vreemde wezens van ons en de ons omringende melkwegstels waren.
Daar sta ik nog altijd achter, na drie zwangerschappen. De meeste nutteloze wezens, weet ik intussen, zijn kinderen.
Een zijstap. Ik heb een Amerikaan, een Cadillac Escalade. Voor hen die dit type niet kennen: Tony Soprano had er eentje, een witte, hij reed ermee van de ene waste-management-klus naar de andere. Gerard Joling en Gordon hadden er ook allebei eentje, maar die vonden hem te opzichtig. Correct. Escalade komt van escaleren en dat is precies wat er met deze auto aan de hand is. De Cadillac Escalade mag officieel dan tot de familie der personenwagens worden gerekend, eigenlijk valt hij binnen de categorie vervoermiddelen waar, alvorens ze zich op de openbare weg mogen begeven, uit verkeersveiligheidsoogpunt een motoragent met zwaailicht voor en -achter moet rijden om de andere weggebruikers te waarschuwen dat er gevaar op de loer ligt. Hoe dan ook. Vaak wordt mij gevraagd of die Escalade van mij niet heel onpraktisch is. Ik kan dit beamen: een Cadillac Escalade is abslouut onpraktisch. Ik kan amper de ring A10 rond zonder te hoeven steken en als ik een parkeerplek in het luxereservaat wil moet ik de dag ervoor een rood-wit lint spannen om drie parkeerhavens naast elkaar te reserveren. Maar mijn Escalade is op de Schaal van Onpraktisch met twee vingers in de neus rechts ingehaald door mijn kinderen. Díe zijn pas onpraktisch.
Ik heb ze nu nu toch al wel even (de oudste geloof ik al wel een jaar of tien, vijftien) en het probleem is dat ik era an vast zit. Ik heb geen idee waar ik de bonnen heb gelaten. Ergens in een doos vermoedelijk, voor de verzekering, met het idee dat je dan altijd kunt bewijzen dat je ze echt hebt gehad als er eens een keer wordt ingebroken. Maar waarschijnlijk zijn ze toch al ver voorbij de inruildatum en weggooien is ook weer zoiets. Je gaat je er onbewust toch aan hechten, zo gaan die dingen. Volgens mij mag je ze trouwens, al zou je willen, niet eens bij het normale huisvuil zetten, maar moet je daar weer iemand voor bellen. Zal je zien dat zo’n ophaaldienst dan, net als de chemokar, op zaterdagochtend komt, als je nog lekker ligt te slapen. Ik denk dat ik ze maar bewaar. Of eentje, dat kan ook. Voor het geval dat.
Ik heb mijn vrouw voorgesteld om ze voorlopig in het schuurtje te zetten, bij de kerstballen. Ik bedoel: ze staan toch alleen maar in de weg en hoe vaak heb je ze nou helemaal nodig, als je gewoon een werkster hebt? En als je ze een keer ergens voor wilt gebruiken, om brood te halen of de tafel te dekken, doen ze het weer niet en heb je geen idee hoe je ze weer aan de praat krijgt.
Want dat is ook zoiets: je hebt nooit het gevoel dat er eentje af is, zo van ‘niks meer an doen, klaar.’ Het blijven een soort halffabrikaten. Je vraagt je af waar je vrouw, toen ze zwanger was, al die negen maanden mee is bezig geweest.
Soms verlang ik naar een kindersabbatical. Niet lang hoor, gewoon, een klein jaar of zo. Bij vlagen is de nood zo hoog dat ik ze om het even bij wie zou achterlaten, zolang ze maar in leven blijven. Gewoon op de stoep bij de buurvrouw zetten, met een briefje erbij hoe en wanneer ze gevoederd moeten worden. Zo’n mens kan het vast niet over haar hart verkrijgen om ze buiten te laten staan, zeg ik dan tegen mijn vrouw. Die vindt het cru.
Mijn vrouw zegt dat ik niet moet zeuren en dat ik gewoon in een kinderdip zit.

facebook twitter

Stuur naar een vriend







doorsturen reageren

12 July 2011 - 12:40

persbericht

Schrijver Kluun werkt samen met Parool-journalist Hans van der Beek aan een boek over het Amsterdamse nachtleven. Aan de Amsterdamse Nachten wordt een Top 100 van de meest spraakmakende clubs, kroegen en bordelen die het gezicht van Amsterdamse nachtleven bepalen en hebben bepaald.

Kluun: ‘We schrijven over de kroegen waar de VOC haar soldij aan de bemanning betaalde (café In ‘t Aepjen); de eerste homodancings als De Odeon Kelder; krakerscafé Vrankrijk; de hoogtijdagen van de iT, de RoXY, Mazzo en Richter; de tenten die nu hip & happening zijn zoals Jimmy Woo en Trouw en niet te vergeten klassiekers als Paradiso, Melkweg, Café Nol en La Bastille, Hoppe en YabYum.’

Kluun en Van der Beek interviewden barmannen, clubeigenaren, dealers, stamgasten, portiers en danseressen. Bovendien hebben de auteurs aan tientallen bekende Amsterdammers hun favoriete Top 3 gevraagd, van De jeugd van tegenwoordig tot A.F.Th. van der Heijden.

Bij het samenstellen van de Top 100 wordt rekening gehouden met onder meer: de tijd dat een tent bestaat of heeft bestaan (zo claimen café Chris, Karpershoek en Papeneiland alle drie het oudste café van Amsterdam te zijn), hoe spraakmakend ze zijn of waren (YabYum staat in Top 25 bekendste Nederlandse merken ter wereld), hoeveel mensen er zijn geweest (in Paradiso kwamen vanaf de oprichting in 1968 bijna 14 miljoen mensen), hoe karakteristiek ze zijn (in café Brandon is zelfs in de twintig jaar dat het gesloten was geen stoel verzet), en ten slotte: de stem van het publiek.

Zij kunnen hun Top 3 tot en met 29 juli aanstaande doorgeven via Facebook (www.facebook.com/aandeamsterdamsenachten) of Twitter (#aandeamsterdamsenachten).

Aan de Amsterdamse nachten verschijnt half november.

facebook twitter

Stuur naar een vriend







doorsturen reageren
For the Big Man

30 June 2011 - 10:05

‘Clarence doesn’t leave the E Street Band when he dies. He leaves when we die.’

Bruce Springsteen in zijn afscheidstoespraak tijdens de herdenkingsdienst voor Clarence Clemonce. Vier jaar geleden schreef ik deze column:
.

Noem me een watje, maar als ik twee mannen samen in één microfoon zie zingen dat ze elkander ooit zwoeren dat ze bloedbroeders waren, dat ze beloofden dat ze dat nooit zouden vergeten, elkaar niet zouden verraden, nooit zouden overgeven, als ik dat Little Steven en Bruce hoor zingen en met eigen ogen zie dat er van deze onbezonnen, naïeve jongensbeloftes een half mensenleven later geen woord gelogen blijkt te zijn, dan krijg ik kippenvel.
.
En ach, al kan de bijna zeventigjarige Clarence Clemonce eigenlijk al jaren geen saxofoonsolo’s meer spelen van meer dan drie noten: bloedbroeders zet je niet uit de band, al moeten ze hem bij de volgende tournee in een rolstoel het podium opduwen. No retreat baby, no surrender.
.
Wat maakt concerten van Bruce Springsteen nu tot gebeurtenissen die een mens tot in het diepst van zijn ziel kunnen raken? Natuurlijk, een concert van Springsteen duurt bijna langer dan het hele leven van Kurt Cobain, maar dat is het niet. Natuurlijk, de meeste nummers zijn nog imponerender dan op de plaat, maar dat hebben meer artiesten. Natuurlijk, zijn teksten geven je het gevoel dat je in zijn leven bent gekropen, maar nee, wat een concert van Springsteen tot een sacrale dienst maakt, is iets anders.
.
Anders dan U2 heeft Bruce amper nieuwe aanwas die de band voor het eerst live gaat zien. Anders dan Justin Timberlake komen er bij Bruce geen jonge meisjes wel eens live een nat broekje willen krijgen bij het aanschouwen van hun ster. Anders dan bij de Stones komen hier geen mensen voor de nostalgie.
.
Nee, bij een concert van The Boss komen mensen van wie je ziet dat ze er ook in 2002, ’92, in ’88, in ’85 en soms al in 1978 bij waren en dat van elkaar weten en voelen, omdat ze alle rituelen uit kun hoofd kennen die bij een Springsteen-concert horen. Zoals die man achter me die mijn armen tijdens Badlands optilt en me vermanend ‘handjes omhoog, hè’ toespreekt.
.
Bij een concert van The Boss opvallend veel mannen van in de veertig, vijftig, alleen, waarschijnlijk omdat niemand in hun familie of vriendenkring begrijpt wat ze toch in die Springsteen zien. Wij wel. Het is zoals Bono ooit over hem zei: They call him the Boss. But he’s not the boss. He works FOR us.
.
Ja, dit is een artiest zoals een artiest bedoeld is: mensen zich voor even intens verbonden met elkaar laten voelen, mensen voor even boven zichzelf laten uitstijgen. Uplifting, een mooier woord kan ik er niet voor bedenken. Bruce Springsteen, The E Street-band en hun publiek zijn het levende bewijs dat sommige songteksten over vriendschap en broederschap geen romantische tienerbeloftes, maar waarheid zijn en blijven, ook na dertig jaar. No retreat baby, no surrender.

Hier de hele tekst van de toespraak.

facebook twitter

Stuur naar een vriend







doorsturen reageren
Cursus Hacken voor beginners

8 June 2011 - 19:28

En dan is je site ineens gehackt. Niet door een mafkees die er foto’s op zet van zijn blote harige reet met een tandenborstel erin of van de supportersvereniging van ADO Den Haag die ons mededeelt op Jodenjacht te gaan, maar door iemand die er dit op zette:

م الدعس قبل لا تقرا دق التحيه امامك
سعووودي كووول تم الدعس على موقعكم وعلى
صاحب الموقع والموقع مهكر عن طريق دمـآر
الحربي اشكرك على اليورز والباس تحيـآتي
سعووودي كووول وانا اقدم الموقع الى جميع
السعوديين لبى قلوبهم لكم اليوزر والباس
خلني خلني اعمك لماذا هكرت الموقع
تحيـآتي دنقور حائل لابوكم لاابو ابوكم
يا جحلط تم الدعس على خشومكم
دعسسسسسسسسسسسسسسس

Even hoop je nog even tegen beter weten in dat Shoarma Yousouf Ali uit de Tweede Anjeliersdwarsstraat zijn nieuwe menukaart per abuis op mijn site heeft geplaatst, maar al snel kreeg ik het idee dat dit geen zuivere koffie was. Er was geen foto van een falafel of een geslacht schaap te herkennen, waar Yousouf Ali patent op heeft. (even reclame maken: niemand die zo lekker schapen slacht als Yousouf Ali en zijn broer Harrie. Vers van het mes, hij slacht ze waar je bij staat, bij je op tafel of op de toonbank, en als je een goeie klant bent, wil hij wil eens een oogje toeknijpen en snijdt hij zelfmeegebrachte schapen ook voor je aan stukken, als service van de zaak. Af en toe een illegaal pornootje voor hem meenemen en in zijn handen drukken als mevrouw Ali even niet kijkt en je bent de Koning bij Yousouf (liefst iets met schapen, is-ie dol op – zijn broer Harrie daarentegen heeft voorkeuren waar ik hier liever niet over begin in het kader van de goede smaak)
Waar waren we? O ja, bij mijn gehackte site. Nou is mijn Arabisch er de laatste jaren, sinds ik van de Schinkelbuurt naar het Luxereservaat in Amsterdam verhuisde, behoorlijk op achteruit gegaan, dus ontkwam ik er niet aan om voor een gedetailleerd begrip van de boodschap van de hacker Google Translator even te raadplegen. Wat er staat (maar daar vertel ik u, o erudiete Aktueel lezer, vast niks nieuws mee) is het volgende:
Vertrapping door niet begroet voor u kunnen lezen Sauoodi Kowol is vertrappen op uw website en op de Eigenaar van de site en de site Mhecr van de massa Dank u voor de oorlog en bas Aliorz Thiati Sauoodi Kowol en ik ben de oudste site toegang tot alle Saoedi’s beantwoord je hart Aliuser en bassen Khalni Khalni AMK Waarom Heckt Site Thiati Dnkor Heil aan de Vader aan pater Kabo O Jehlt is vertrappen
Khcomkm

Geen speld tussen te krijgen natuurlijk, maar om zo’n mening dan ook meteen naar mijn mailingbestand van een paar duizend man te sturen, da’s wel heel vrijpostig. Het schoot me dan ook volledig in het verkeerde keelgat. Ik weet ook wel dat Google Translator een beetje de Josti-band onder de woordenboeken is, maar dat achter deze tekst geen taalvirtuoos zit, ziet een blinde met één oog.
Hacken oke, maar als je zo ongeinspireerd schrijft, dan heb je aan mij een kwaaie. Als je mijn sitebezoekers en mijn hele mailingbestand bedreigt, doe het dan tenminste zonder taalfouten. Kijk, als je de site van Dries Roelvink hackt en zijn fans vervolgens trakteert op een tekst die wemelt van de spel-, stijl-, grammatica- en vormfouten, dan merkt geen hond dat. Maar ik ben verdomme een schrijver! Pas je dan een beetje aan, als je je zo stoer bent om www.kluun.nl te hacken. Verpak je dreigementen in mooie metaforen, gooi er een poetisch sausje overheen, doe er wat mee, schrijf kortom betere teksten dan ikzelf, maar maak je er niet met een Jantje van Leiden vanaf. Ik pleit voor een inburgeringscursus voor hackers.
Ps: Verrek, diat khcomkm als afsluitend woord, dat lijkt verdomd veel op het emailadres van Herman Koch. Hm.

facebook twitter

Stuur naar een vriend







doorsturen reageren
Ik, James Worthy

9 May 2011 - 15:49

Oscar  Van Gelderen is de stalker onder de uitgevers.  Hijgerig en hyperiger zijn ze niet te vinden in boekenland. In de weken voor James Worthy van James Worthy uitkwam, werd ik door de lijfeigenen van Van Gelderen middels brievenpost, eletronische mail, Facebook en Twitter bestookt, belde de redactie van Giel op 3FM me op, kreeg ik mailtjes van het management van platenlabel Topnotch (Worthy schrijft iets met Pepijn van de Jeugd van Tegenwoordig, ik ben te oud om tot de doelgroep te horen)en sommeerde uitgever Van Gelderen zelluf me me tot vervelenstoe om James Worthy van James Worthy te lezen. O ja, en Miranda van Nnightwriters bleef maar aan mijn kop zaniken, het zal me niets verbazen als die straks op Lowlands met Worthy de caravan in duikt) Lang verhaal kort: volgzaam kuddedier als ik ben, las ik James Worthy van james Worthy natuurlijk als de wiedeweerga. Voor je het weet ben je op je 47e al niet hip meer.

Is het nou leuk, die roman, of is het een hype? Beiden. James Worthy NIET lezen staat deze zomer gelijk aan toegeven dat je niet op Facebook zit.

En is het goed? Ja. Werd KEVBDD door NRC een ode aan de liefde* genoemd, dan is James Worthy een ode aan het liefdesverdriet,geschreven met de bluf waarmee Jan Cremer Ik, Jan Cremer schreef, de schrijfschik waarmee Ronald Giphart hele studentencorpsen aan de lezerij hielp en de ranzig romantische inborst waarmee Herman Brusselmans zijn liefde roman na roman na roman na roman na roman na roman debiteert.

Yep, een fijn schrijvertje is het inderdaad, die Worthy. En vooral zooooo 2011.

Hier mijn top 10 van Worthy-passages:

1. ‘Dit is liefde, ik wil met haar vader gaan vissen’

2. ‘Ik hou van jou, als je lacht als je snikt, ik hou van jou als een neger van een kip. Ik hou van jou, hoeveel? Zoveel! Dat keer tien en dan twee keer zoveel.’

3. ‘Mijn badkamerspiegel hunkert naar zachte vrouwelijke vormen.’

4. ‘Mijn telefoon gaat, op het scherm staat VIEZE TERINGHOER BELT en ik zie een afbeelding van een heks op een bezemsteel.’

5. ‘Het was geen neuken. Nee, we wilden niet komen. we namen alleen afscheid van het enkelvoud.’

6.’ Ik heb het gehad met de wrakken die op de pechstrook van het leven staan geparkeerd.’

7. ‘Door het duimzuigen heb je ook nog de meest krachtige tongspier die ik ooit heb mogen voelen. Jouw tong hoort in seksshops te hangen.’

8. ‘Ik snap dat dit voor jullie een routineklus is, even snel in 15 minuten de baarmoeder van mijn levenspartner vacuumpompen, maar als u nog een evenwichtig ding zegt, breek ik uw neus in tweeen.’

9. ‘Seks is de kunstmatige baarmoeder van ons geluk.’

10. ‘Waarom zou je snel willen zijn als je oersterk bent? Rennen voor de tram? Fok dat, ik pak gewoon een auto op van de straat en gooi deze precies voor de tram zodat deze niet door kan tuffen.’

 

Ik zet in op 75.000 verkochte Worthys voor het einde van het jaar. En op zaterdag 20 augustus heeft Miranda hem geboekt bij Nightwriters op Lowlands.

 

* niet in een recensie, hoor, maar in een heel klein tussenzinnetje in een inleidend stukkie van een interview. Fuck it. Als het er staat, staat het er.

facebook twitter

Stuur naar een vriend







doorsturen reageren
Archief
Zoeken

 
website statistieken
free counter